Spring naar inhoud

Jaarrekening

Inhoud Jaarrekening

  Ondertekening jaarrekening
A Geconsolideerde jaarrekening
A.1.1 Grondslagen voor de jaarrekening
A.1.2 Geconsolideerde balans per 31 december 2020
A.1.3 Geconsolideerde staat van baten en lasten over 2020
A.1.4 Geconsolideerd kasstroomoverzicht over 2020
A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans
A.1.6 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen
A.1.7 Model G Verantwoording subsidies 2020
A.1.8 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde
staat van baten en lasten over 2020
A.1.9 Gebeurtenissen na balansdatum
A.1.10 Overzicht verbonden partijen
A.1.11 WNT-verantwoording 2020 Koning Willem I College
  Enkelvoudige jaarrekening
A.1.12 Enkelvoudige balans per 31 december 2020
A.1.13 Enkelvoudige staat van baten en lasten over 2020
A.1.14 Toelichting op de balans en staat van baten en lasten
B Overige gegevens
  Statutaire regeling inzake de resultaatbestemming
  Controleverklaring van de onafhankelijk accountant
C Bijlagen financieel
C.1.1 Balans per 31 december 2020, KW1C (Brin 04FO)
C.1.2 Staat van baten en lasten over 2020, KW1C (Brin 04FO)
C.2.1 Balans per 31 december 2020, BBO De Schalm (Brin 24ZW)
C.2.2 Staat van baten en lasten over 2020, BBO De Schalm (Brin 24ZW)
C.3.1 Balans per 31 december 2020, Educatiestichting Koning Willem I College
C.3.2 Staat van baten en lasten over 2020, Educatiestichting Koning Willem I College

A.1.1 Grondslagen voor de jaarrekening

1.    Algemene toelichting

1.1    Activiteiten
De activiteiten van de instelling en haar groepsmaatschappijen (de Groep) bestaat uit:
- dienstverlening op het gebied van onderwijs, sector middelbaar beroepsonderwijs.

1.2    Continuïteit
De jaarrekening is opgesteld uitgaande van een continuïteitsveronderstelling.
De gevolgen van COVID-19 zijn hierbij in acht genomen en nader in de jaarrekening toegelicht bij ’Gebeurtenissen na balansdatum’. Hierbij is naar onze mening geen sprake van materiële onzekerheid over de continuïteit.

1.3    Vestigingsadres, rechtsvorm en inschrijfnummer handelsregister
Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch is feitelijk gevestigd op Vlijmenseweg 2, Postbus 122, 5201 AC te 's-Hertogenbosch en is ingeschreven bij het handelsregister onder nummer 41084084.

1.4    Groepsverhoudingen
Het Koning Willem I College behoort tot de Koning Willem I-groep. Aan het hoofd van deze groep staat Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch te 's-Hertogenbosch. De jaarrekening van het Koning Willem I College, BBO de Schalm en de Educatiestichting Koning  Willem I College zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch te 's-Hertogenbosch.

1.5    Schattingen
Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat het CvB van de Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch zich over verschillende zaken een oordeel vormt, en dat het CvB schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstelling opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten.

1.6    Consolidatie
In de consolidatie worden de financiële gegevens opgenomen van Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch samen met haar groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop zij overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover zij de centrale leiding heeft. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen waarin Stichting Regionaal Onderwijs Centrum  's-Hertogenbosch direct of indirect overheersende zeggenschap kan uitoefenen doordat zij beschikt over de meerderheid van de stemrechten of op enige andere wijze de financiële en operationele activiteiten kan beheersen. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met potentiële stemrechten die direct kunnen worden uitgeoefend op balansdatum.

De groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop zij een overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover zij de centrale leiding heeft, worden voor 100% in de consolidatie betrokken. Het aandeel van derden in het groepsvermogen en in het groepsresultaat wordt afzonderlijk vermeld. Deelnemingen waarop geen overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend (geassocieerde deelnemingen) worden niet betrokken in de consolidatie.

Intercompany-transacties, intercompany-winsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen worden geëlimineerd, voor zover de resultaten niet door transacties met derden buiten de Groep zijn gerealiseerd. Ongerealiseerde verliezen op intercompany-transacties worden ook geëlimineerd tenzij er sprake is van een bijzondere waardevermindering. Waarderingsgrondslagen van groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen zijn waar nodig gewijzigd om aansluiting te krijgen bij de geldende waarderingsgrondslagen voor de Groep.

De in de consolidatie begrepen rechtspersonen zijn:
- Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch, 's-Hertogenbosch,
   met de scholen 04FO Koning Willem I College en 24ZW BBO de Schalm.
- Educatiestichting Koning Willem I College, 's-Hertogenbosch.

De financiële gegevens van deze rechtspersonen worden voor 100% in de consolidatie opgenomen.

1.7    Fiscale eenheid
Vanaf 1 augustus 2019 vormt Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch geen fiscale eenheid meer voor de omzetbelasting met Educatiestichting Koning Willem I College.

1.8    Verbonden partijen
Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. 

Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht. 

1.9    Toelichting op het kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Investeringen (en desinvesteringen) in materiële vaste activa zijn opgenomen onder kasstroom uit investeringsactiviteiten. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt, zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.

1.10    Beleidsregels toepassing WNT
De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semi-publieke sector (WNT) is met ingang van 1 januari 2013 van kracht.

2.    Grondslagen voor waardering van activa en passiva

2.1    Algemeen
De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving die uitgegeven zijn door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Deze bepalingen zijn van toepassing op grond van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs. Activa en verplichtingen worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld, vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. In de balans, de staat van baten en lasten en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting.

2.2    Vergelijking met het voorgaand jaar
De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van het voorgaand jaar. 

2.3    Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder aftrek van afschrijvingen. Er wordt rekening gehouden met bijzondere waardeverminderingen; dit is het geval als de boekwaarde van het actief hoger is dan de realiseerbare waarde ervan.

Computersoftware
Gekochte softwarelicenties worden geactiveerd tegen de verkrijgingsprijs en lineair afgeschreven over de geschatte toekomstige gebruiksduur. Uitgaven samenhangend met onderhoud van softwareprogramma's worden verantwoord in de staat van baten en lasten.

2.4    Materiële vaste activa
Bedrijfsgebouwen en -terreinen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs plus bijkomende kosten of vervaardigingsprijs onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de geschatte toekomstige gebruiksduur. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Er wordt rekening gehouden met de bijzondere waardeverminderingen die op balansdatum worden verwacht. Voor de vaststelling of voor een materieel vast actief sprake is van een bijzondere waardevermindering wordt verwezen naar paragraaf 2.6.
Op materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering wordt niet afgeschreven. Afschrijving start op het moment dat een actief beschikbaar is voor het beoogde gebruik en wordt beëindigd bij buitengebruikstelling of bij desinvestering.

Overige vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs inclusief direct toerekenbare kosten, onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur en bijzondere waardeverminderingen. De vervaardigingsprijs bestaat uit de aanschaffingskosten van grond- en hulpstoffen en kosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan de vervaardiging inclusief installatiekosten.

Indien voor te vervaardigen materiële vaste activa noodzakelijkerwijs een aanmerkelijke hoeveelheid tijd nodig is om deze gebruiksklaar te maken, worden de rentekosten opgenomen in de vervaardigingsprijs.

Subsidies op investeringen worden in mindering gebracht op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs van de activa waarop de subsidies betrekking hebben.

Voor verplichtingen tot herstel na afloop van het gebruik van het actief (ontmantelingskosten) wordt een voorziening getroffen voor het verwachte bedrag op het moment van activering. Dit bedrag wordt verwerkt als onderdeel van de vervaardigingsprijs.

Voor de toekomstige kosten van groot onderhoud aan de bedrijfsgebouwen is een voorziening voor groot onderhoud gevormd. De toevoeging aan de voorziening wordt bepaald op basis van het geschatte bedrag van het onderhoud en de periode die telkens tussen de werkzaamheden van groot onderhoud verloopt.

2.5    Financiële vaste activa
De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde. 

2.6    Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa
De instelling beoordeelt op iedere balansdatum of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Van een bijzondere waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde; de realiseerbare waarde is de hoogste van de opbrengstwaarde en de bedrijfswaarde.

De opbrengstwaarde is bepaald met behulp van de bepalingen van de actieve markt. Voor de bepaling van de bedrijfswaarde is bij het contant maken van de kasstromen een disconteringsvoet gehanteerd van 2%.  Een bijzondere waardeverminderingsverlies wordt direct als een last verwerkt in de staat van baten en lasten.

Indien wordt vastgesteld dat een bijzondere waardevermindering die in het verleden verantwoord is, niet meer bestaat of is afgenomen, dan wordt de toegenomen boekwaarde van de desbetreffende activa niet hoger gesteld dan de boekwaarde die bepaald zou zijn indien geen bijzondere waardevermindering voor het actief zou zijn verantwoord.

2.7    Voorraden
De voorraden worden gewaardeerd op verkrijgingsprijzen onder toepassing van de FIFO-methode ('first in, first out') of lagere opbrengstwaarde.

De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs onder aftrek van direct toerekenbare verkoopkosten. Bij de bepaling van de opbrengstwaarde wordt rekening gehouden met de incourantheid van de voorraden.

2.8    Vorderingen
Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Vorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Als de ontvangst van de vordering is uitgesteld op grond van een verlengde overeengekomen betalingstermijn wordt de reële waarde bepaald aan de hand van de contante waarde van de verwachte ontvangsten en worden er op basis van de effectieve rente de rente-inkomsten ten gunste van de staat van baten en lasten gebracht. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.

2.9    Liquide middelen
Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden.  Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

2.10    Eigen vermogen
Het eigen vermogen bestaat uit algemene reserves en bestemmingsreserves. Het eigen vermogen bestaat uitsluitend uit publieke middelen.

De bestemmingsreserves zijn reserves met een beperktere bestedingsmogelijkheid, waarbij de beperking door het bestuur is aangebracht.

2.11    Voorzieningen
Algemeen
Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden bepaald op basis van de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen en verliezen af te wikkelen, tenzij de tijdswaarde van geld niet materieel is. Indien de tijdswaarde van geld niet materieel is, wordt de voorziening tegen nominale waarde verantwoord.

Wanneer het de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt, en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, dan wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen.

Pensioenen
De instelling heeft een pensioenregeling bij Stichting Bedrijfspensioenfonds ABP. De belangrijkste kenmerken van deze regeling zijn:
- de betreffende regeling is een toegezegde pensioenregeling.
- de instelling heeft in het geval van een tekort bij het bedrijfstakpensioenfonds geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan hogere toekomstige premies.
'De gehanteerde regeling valt aan te merken als een toegezegde-bijdrageregeling. Als gevolg hiervan is er geen pensioenvoorziening opgenomen. Naast de premiebetalingen bestaan er geen andere verplichtingen. De verschuldigde premies worden als last verantwoord in de staat van baten en lasten.

Op deze pensioenregeling zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing en worden op verplichte of contractuele basis premies betaald door de instelling. ABP hanteert het middelloon als pensioengevende salarisgrondslag. ABP probeert ieder jaar de pensioenen te verhogen met de gemiddelde stijging van de lonen in de sectoren overheid en onderwijs. Wanneer de dekkingsgraad lager is dan 105% vindt er geen indexatie plaats. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen. De dekkingsgraad van Stichting Bedrijfspensioenfonds ABP was per 31 december 2020 93,5%.

Voorziening groot onderhoud
Voor uitgaven voor groot onderhoud wordt een voorziening gevormd om deze lasten gelijkmatig te verdelen over een aantal boekjaren.

Voorziening wachtgelden
De voorziening wachtgelden wordt opgenomen tegen de contante waarde van de verwachte uitkeringen voor (bovenwettelijke) wachtgeldverplichtingen en wachtgeldvervangende maatregelen. Bij de berekening van de voorziening wordt onder meer rekening gehouden met de kans op loopbaanherstel. Bij het contant maken is de marktrente van hoogwaardige ondernemingsobligaties ad 2% als disconteringsvoet gehanteerd.

Voorziening jubilea
De voorziening jubilea wordt opgenomen tegen de contante waarde van de verwachte uitkeringen gedurende het dienstverband. Bij de berekening van de voorziening wordt onder meer rekening gehouden met verwachte salarisstijgingen en de blijfkans. Bij het contant maken is de marktrente van hoogwaardige ondernemingsobligaties ad 2% als disconteringsvoet gehanteerd.

Voorziening duurzame inzetbaarheid (seniorenverlof)
In de cao mbo zijn afspraken gemaakt over regelingen in het kader van Duurzame Inzetbaarheid. Indien medewerkers deelnemen aan deze regelingen bouwen zij rechten op om in de toekomst minder te werken waarbij de kosten daarvan deels voor rekening van de medewerker en deels voor rekening van de werkgever zijn. Voor het deel dat voor rekening van de werkgever komt wordt een voorziening opgenomen. De verplichtingen uit hoofde van deze regeling omvatten verplichtingen jegens personeelsleden die reeds hebben geopteerd voor gebruikmaking van de regeling, de personeelsleden die onder de bestaande regeling kunnen opteren voor gebruikmaking van de regeling maar dat nog niet hebben gedaan, en personeelsleden die nog niet kunnen opteren, maar dat tijdens de looptijd van de bestaande regeling in de toekomst wel kunnen doen. De elementen voor de berekening van de verplichting zijn de personeelsleden op wie de regeling van toepassing is, de geschatte kans dat voor gebruikmaking van de regeling wordt geopteerd, de leeftijden, de salarissen en het aandeel van de kosten dat voor rekening van de werkgever komt. De voorziening is gewaardeerd tegen nominale waarde, omdat de tijdswaarde van geld niet materieel is.

Voorziening schenking vruchtgebruik
De voorziening schenking vruchtgebruikt is opgenomen tegen de nominale waarde van de, voor de afwikkeling van de voorziening, naar verwachting noodzakelijke uitgaven.

2.12    Schulden
Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de schulden in de staat van baten en lasten als interestlast verwerkt.

2.13    Operational leasing
Bij de instelling kunnen er leasecontracten bestaan waarbij een groot deel van de voor- en nadelen die aan de eigendom verbonden zijn, niet bij de instelling ligt. Deze leasecontracten worden verantwoord als operationele leasing. Verplichtingen uit hoofde van operationele leasing worden, rekening houdend met ontvangen vergoedingen van de lessor, op lineaire basis verwerkt in de staat van baten en lasten over de looptijd van het contract.

Leasebaten (exclusief vergoeding voor dienstverlening zoals verzekering en onderhoud) als bestanddeel van de leasebetalingen zijn op tijdsevenredige basis verwerkt over de leaseperiode, tenzij een andere wijze van toerekening onder de specifieke omstandigheden meer representatief is voor de wijze waarop het economisch nut van het leaseobject in waarde vermindert.

3.    Grondslagen voor bepaling van het resultaat

3.1    Algemeen
De baten en lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn verwezenlijkt. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen, indien zij voor het vaststellen van de jaarrekening bekend zijn geworden.

3.2    Rijksbijdragen
Rijksbijdragen worden als baten verantwoord in de staat van baten en lasten in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft.

3.3    Overige overheidsbijdragen en -subsidies
Exploitatiesubsidies worden als baten verantwoord in de staat van baten en lasten in het jaar waarin de gesubsidieerde kosten zijn gemaakt of opbrengsten zijn gederfd, of wanneer een gesubsidieerd exploitatietekort zich heeft voorgedaan. De baten worden verantwoord als het waarschijnlijk is dat deze worden ontvangen en de instelling de condities voor ontvangst kan aantonen.
Subsidies met betrekking tot investeringen in materiële vaste activa worden in mindering gebracht op het desbetreffende actief en als onderdeel van de afschrijvingen verwerkt in de staat van baten en lasten.

3.4    College-, cursus, les- en examengelden
De college-, cursus, les- en examengelden rekenen we toe aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Daarbij gaan we ervan uit dat reguliere onderwijs- en onderzoekstaken gelijkmatig over het school/studiejaar zijn gespreid.

3.5    Baten werk in opdracht van derden
Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten.

3.6    Overige baten
Overige baten bestaan uit baten uit verhuur, detachering en overige baten.

3.7    Personeelsbeloningen
Periodiek betaalbare beloningen
Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de staat van baten en lasten voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers respectievelijk de belastingautoriteit.
Pensioenen
De instelling heeft de pensioenregeling verwerkt volgens de verplichtingenbenadering. De over het verslagjaar verschuldigde premie wordt als last verantwoord. Zie ook de grondslagen voor waardering van activa en passiva.

3.8    Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa
Immateriële vaste activa en materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de toekomstige gebruiksduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Boekwinsten en -verliezen uit de incidentele verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de afschrijvingen.

3.9    Huisvestingslasten en overige lasten
Onder huisvestingslasten en overige lasten worden die kosten verstaan die ten laste van het jaar komen, en die niet direct aan de kostprijs van de geleverde goederen zijn toe te rekenen.

3.10    Financiële baten en lasten
Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.

A.1.2 Geconsolideerde balans per 31 december 2020

(na resultaatbestemming)

    31-12-2020 31-12-2019
   
1 Activa    
       
  Vaste activa    
1.1 Immateriële vaste activa 1.772.376  2.506.074 
1.2 Materiële vaste activa 55.829.587  48.461.269 
1.3 Financiële vaste activa
  Totaal vaste activa 57.601.964  50.967.344 
       
  Vlottende activa    
1.4 Voorraden 62.302  83.133 
1.5 Vorderingen 2.166.971  4.024.998 
1.7 Liquide middelen 18.169.431  21.701.942 
  Totaal vlottende activa 20.398.704  25.810.073 
       
  Totaal activa 78.000.668  76.777.417 
       
2 Passiva    
       
2.1 Eigen vermogen 51.531.483  51.235.399 
2.2 Voorzieningen 10.900.550  11.385.950 
2.4 Kortlopende schulden 15.568.635  14.156.068 
       
  Totaal passiva 78.000.668  76.777.417 

A.1.3 Geconsolideerde staat van baten en lasten over 2020

    2020 Begroot 2020 2019
   
3 Baten      
3.1 Rijksbijdragen 110.901.852  111.200.563  107.166.910 
3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 623.887  515.000  571.738 
3.3 College-, cursus-, les- en examengelden 2.431.032  2.446.946  2.440.262 
3.4 Baten werk in opdracht van derden 2.465.630  2.928.500  3.865.239 
3.5 Overige baten 2.073.580  2.295.806  2.776.256 
  Totaal baten 118.495.981  119.386.815  116.820.405 
         
4 Lasten      
4.1 Personeelslasten 90.133.092  88.420.298  88.092.046 
4.2 Afschrijvingen 9.707.805  9.817.129  9.493.479 
4.3 Huisvestingslasten 7.762.054  7.854.750  7.806.447 
4.4 Overige lasten 10.496.070  12.416.813  11.516.729 
  Totaal lasten 118.099.021  118.508.990  116.908.701 
         
  Saldo baten en lasten 396.960  877.825  -88.296 
         
5 Financiële baten en lasten -100.876  -65.500  -23.246 
         
  Totaal resultaat 296.084  812.325  -111.542 

A.1.4 Geconsolideerd kasstroomoverzicht over 2020

    2020 2019
   
       
  Kasstroom uit operationele activiteiten    
       
  Saldo Baten en Lasten 396.960  -88.296 
       
  Aanpassingen voor:    
4.2 Afschrijvingen 9.707.805  9.493.479 
2.2 Mutaties voorzieningen -485.400  965.035 
       
  Veranderingen in vlottende middelen:    
1.4 Voorraden (-) 20.831  -8.193 
1.5 Vorderingen (-) 1.858.027  471.255 
2.4 Schulden 1.412.567  75.594 
       
  Totaal Kasstroom uit bedrijfsoperaties 12.910.790  10.908.874 
       
5.1 Ontvangen interest 810  2.779 
5.5 Betaalde interest (-) -101.686  -26.025 
    -100.876  -23.246 
       
  Totaal kasstroom uit operationele activiteiten 12.809.914  10.885.628 
       
  Kasstroom uit investeringsactiviteiten    
       
1.1 Investeringen immateriële vaste activa (-) -549.489  -801.446 
1.2 Investeringen materiële vaste activa (-) -15.807.702  -9.549.830 
1.2 Desinvesteringen materiële vaste activa 14.766  3.976 
1.3 Overige investeringen in financiële vaste activa (-)
       
  Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten -16.342.425  -10.347.300 
       
  Kasstroom uit financieringsactiviteiten    
       
  Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten
       
  Mutatie liquide middelen -3.532.511  538.328 
       
  Liquide middelen per 1 januari 21.701.942  21.163.614 
1.7 Mutatie liquide middelen -3.532.511  538.328 
  Liquide middelen per 31 december 18.169.431  21.701.942 
       

A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans - Vaste Activa

VA Vaste activa

    1.1 1.1.5  
    Immateriële vaste activa Intellectuele eigendoms- rechten Immateriële vaste activa
Afschrijvingspercentages     25  
Aanschafprijs 1-1-2020   6.724.098  6.724.098 
Afschrijving cumulatief 1-1-2020   4.218.024  4.218.024 
Boekwaarde 1-1-2020   2.506.074  2.506.074 
Investeringen   549.489  549.489 
Desinvesteringen   1.038.004  1.038.004 
Afschrijvingen   1.283.187  1.283.187 
Afschrijvingen Desinvesteringen   1.038.003  1.038.003 
Aanschafprijs 31-12-2020   6.235.584  6.235.584 
Afschrijving cumulatief 31-12-2020   4.463.208  4.463.208 
Boekwaarde 31-12-2020   1.772.376  1.772.376 

VA Vaste activa (vervolg)

    1.2 1.2.1 1.2.2 1.2.3 1.2.4  
    Materiële vaste activa Gebouwen en terreinen Inventaris en apparatuur Andere vaste bedrijfs- middelen In uitvoering en vooruit- betalingen Materiële vaste activa
Afschrijvingspercentages     4 - 10 10 - 25 0 0  
Aanschafprijs 1-1-2020   108.158.978  57.270.575  415.862  1.333.372  167.178.787 
Afschrijving cumulatief 1-1-2020   74.591.773  44.125.745  118.717.518 
Boekwaarde 1-1-2020   33.567.205  13.144.830  415.862  1.333.372  48.461.269 
Investeringen   1.452.022  2.936.734  11.418.946  15.807.702 
Desinvesteringen   76.977  76.977 
Afschrijvingen   5.089.926  3.334.692  8.424.618 
Afschrijvingen Desinvesteringen   62.211  62.211 
Aanschafprijs 31-12-2020   109.611.000  60.130.332  415.862  12.752.318  182.909.512 
Afschrijving cumulatief 31-12-2020   79.681.699  47.398.226  127.079.925 
Boekwaarde 31-12-2020   29.929.301  12.732.106  415.862  12.752.318  55.829.587 

VA Vaste activa (vervolg)

    1.3   1.3.5  
    Financiële vaste activa   Vorderingen op OCW Financiële vaste activa
           
Boekwaarde 1-1-2020    
Investeringen en verstrekte leningen    
Desinvesteringen en afgeloste leningen    
Resultaat deelnemingen    
Boekwaarde 31-12-2020    

A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans - Voorraden en vorderingen

VV Voorraden en vorderingen

    31-12-2020 31-12-2019
   
1.4 Voorraden    
       
1.4.1 Gebruiksgoederen 62.302  83.133 
  Voorraden 62.302  83.133 
       
1.5 Vorderingen    
       
1.5.1 Debiteuren 1.341.605  1.790.566 
1.5.2 OCW 850.000 
1.5.5 Studenten / deelnemers / cursisten 630.575  538.440 
1.5.7 Overige vorderingen 89.050  851.880 
1.5.8 Overlopende activa 237.900  137.087 
1.5.9 Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid 132.159  142.975 
  Vorderingen 2.166.971  4.024.998 
       
  Uitsplitsing    
1.5.2.1 Prestatiebox mbo variabele bedragen (vsv) 850.000 
  OCW 850.000 
       

VV Voorraden en vorderingen (vervolg)

    31-12-2020 31-12-2019
   
  Uitsplitsing    
1.5.7.1 Personeel 741.441 
1.5.7.2 Overige 89.050  110.439 
  Overige vorderingen 89.050  851.880 
       
1.5.8.1 Vooruitbetaalde kosten 239.896  143.756 
1.5.8.2 Verstrekte voorschotten
1.5.8.3 Overige overlopende activa -1.996  -6.669 
  Overlopende activa 237.900  137.087 
       
1.5.9.1 Stand per 1 januari verslagjaar - vorig jaar 142.975  131.354 
1.5.9.2 Onttrekking 10.816 
1.5.9.3 Dotatie 11.621 
  Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid 132.159  142.975 

A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans - Liquide middelen

EL Effecten & Liquide middelen

    31-12-2020 31-12-2019
   
       
1.7 Liquide Middelen    
       
1.7.1 Kasmiddelen 19.473  28.132 
1.7.2 Tegoeden op bank- en girorekeningen 9.149.349  12.640.249 
1.7.3 Deposito's 9.000.609  9.033.561 
  Liquide Middelen 18.169.431  21.701.942 

A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans - Eigen vermogen

EV Eigen vermogen

    Stand per 1−1−2019 Resultaat 2019 Overige mutaties Stand per 31−12−2019
   
  Eigen vermogen        
  Stichtingskapitaal 45  45 
  Algemene reserve 38.133.689  -111.542  425.888  38.448.035 
  Bestemmingsreserve (publiek) 13.213.207  -425.888  12.787.319 
  Eigen vermogen 51.346.941  -111.542  51.235.399 
           
  Uitsplitsing        
2.1.1.1 Algemene reserve (04FO) 36.328.797  -53.163  425.888  36.701.522 
2.1.1.2 Algemene reserve (24ZW) -103.534  -58.379  -161.913 
2.1.1.3 Algemene reserve (Educatiestichting) 1.908.426  1.908.426 
  Algemene reserve 38.133.689  -111.542  425.888  38.448.035 
           
2.1.2.1 Huisvesting (04FO)
2.1.2.2 Herwaardering gebouwen n.g. (04FO) 1.707.568  -425.888  1.281.680 
2.1.2.3 Onderwijsontwikkeling (04FO) 760.000  760.000 
2.1.2.4 Beheersystemen (04FO) 1.204.000  1.204.000 
2.1.2.5 Herhuisvesting (04FO) 981.704  981.704 
2.1.2.6 Personeel (04FO) 3.600.000  3.600.000 
2.1.2.7 BAPO (04FO) 4.788.387  4.788.387 
2.1.2.8 Projecten (04FO) 171.548  171.548 
  Bestemmingsreserve (publiek) 13.213.207  -425.888  12.787.319 

EV Eigen vermogen (vervolg)

    Stand per 1−1−2020 Resultaat 2020 Overige mutaties Stand per 31−12−2020
   
2.1 Eigen vermogen        
  Stichtingskapitaal 45  45 
2.1.1 Algemene reserve 38.448.035  296.084  425.888  39.170.007 
2.1.2 Bestemmingsreserve (publiek) 12.787.319  -425.888  12.361.431 
  Eigen vermogen 51.235.399  296.084  51.531.483 
           
  Uitsplitsing        
2.1.1.1 Algemene reserve (04FO) 36.701.522  355.417  425.888  37.482.827 
2.1.1.2 Algemene reserve (24ZW) -161.913  -59.333  -221.246 
2.1.1.3 Algemene reserve (Educatiestichting) 1.908.426  1.908.426 
  Algemene reserve 38.448.035  296.084  425.888  39.170.007 
           
2.1.2.1 Huisvesting (04FO)
2.1.2.2 Herwaardering gebouwen n.g. (04FO) 1.281.680  -425.888  855.792 
2.1.2.3 Onderwijsontwikkeling (04FO) 760.000  760.000 
2.1.2.4 Beheersystemen (04FO) 1.204.000  1.204.000 
2.1.2.5 Herhuisvesting (04FO) 981.704  981.704 
2.1.2.6 Personeel (04FO) 3.600.000  3.600.000 
2.1.2.7 BAPO (04FO) 4.788.387  4.788.387 
2.1.2.8 Projecten (04FO) 171.548  171.548 
  Bestemmingsreserve (publiek) 12.787.319  -425.888  12.361.431 

Het totaalresultaat is toegevoegd aan de algemene reserve.
                
De onder 2.1.2 verantwoorde bestemmingsreserves betreffen afgezonderde delen van het eigen vermogen waarbij een beperktere bestedingsmogelijkheid door het bestuur is aangebracht. Aan de genoemde bestemmingsreserves liggen concrete beleids- en financieringsplannen ten grondslag.
                
Gerealiseerde afschrijvingen gebouwen ter grootte van € 425.888 zijn gefinancieerd uit de bestemmingsreserve "Herwaardering gebouwen niet gerealiseerd.".
                
Bestemmingsreserve Onderwijsontwikkeling heeft ten doel om additionele uitgaven ter bevordering van de kwaliteit van het onderwijsproces te financieren.
                
Bestemmingsreserve Beheersystemen heeft ten doel om uitgaven voor ontwikkeling, vervanging en aanpassing van informatieverwerkende systemen ten behoeve van het onderwijs en onderwijsondersteunende processen te financieren.
                
Bestemmingsreserve Herhuisvesting heeft ten doel om uitgaven voor relocatie van bedrijfsonderdelen te financieren.
                
Bestemmingsreserve Personeel heeft ten doel om uitgaven voor verbetering en verhoging van het welbevinden, het welzijn en de kwaliteit van het personeel te financieren.
                
Bestemmingsreserve BAPO is gevormd per 1 januari 2010 als gevolg van de stelselwijziging waarbij de gevormde voorziening BAPO voor de toekomstige lasten vanuit de BAPO-regeling is vrijgevallen.
                
Bestemmingsreserve Projecten heeft ten doel om uitgaven voor (inter)nationale activiteiten op projectbasis te financieren. In 2020 zijn geen projectresultaten gefinancierd uit de bestemmingsreserve Projecten.

Voorstel resultaatbestemming

 
Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch            
Educatiestichting 's-Hertogenbosch                
                
De statuten van de stichtingen bevatten geen expliciete regeling inzake resultaatbestemming. Vooruitlopend op het bestuursbesluit is het nettoresultaat over 2020 toegevoegd aan de algemene reserves.

  2020
 
bve 296.084 
Totaal resultaat 296.084 

Ten gunste van de algemene reserve is een bedrag ad. € 425.888 toegevoegd uit de bestemmingsreserve Herwaardering gebouwen.

A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans - Voorzieningen

V Voorzieningen

    Stand per 1-1-2020 Dotaties 2020 Onttrekkingen 2020 Vrijval 2020 Stand per 31-12-2020 Kortlopende deel <1 jaar Langlopende deel 1-5 jaar Langlopende deel >5 jaar
   
                   
2.2 Voorzieningen                
2.2.1 Personeelsvoorzieningen 2.140.475  1.001.391  653.542  525.917  1.962.407  604.483  1.232.996  124.928 
2.2.3 Overige voorzieningen 9.245.475  2.364.996  2.672.328  8.938.143  4.123.696  4.804.237  10.210 
  Voorzieningen 11.385.950  3.366.387  3.325.870  525.917  10.900.550  4.728.179  6.037.233  135.138 
                   
  Uitsplitsing                
2.2.1.1 Wachtgelden 1.372.561  775.284  527.336  495.284  1.125.225  439.150  686.021  54 
2.2.1.2 Jubilea 380.488  153.633  126.206  30.633  377.282  86.712  290.570 
2.2.1.3 Duurzame inzetbaarheid 387.426  72.474  459.900  78.621  256.405  124.874 
  Personeelsvoorzieningen 2.140.475  1.001.391  653.542  525.917  1.962.407  604.483  1.232.996  124.928 
                   
2.2.3.1 Onderhoud 9.235.265  2.364.996  2.672.328  8.927.933  4.123.696  4.804.237 
2.2.3.2 Schenking vruchtgebruik 10.210  10.210  10.210 
  Overige voorzieningen 9.245.475  2.364.996  2.672.328  8.938.143  4.123.696  4.804.237  10.210 

De personeelsvoorzieningen Wachtgeld en Jubilea en de onderhoudsvoorziening zijn berekend op basis van contante waarde. Er is uitgegaan van een disconteringsvoet van 2%.
                                
De voorziening Wachtgelden is gevormd voor per balansdatum bestaande (bovenwettelijke) wachtgeldverplichtingen en wachtgeldvervangende maatregelen. Alle lopende wachtgeldverplichtingen zijn opgenomen in de voorziening. De hoogte en looptijden van de uitkeringen zijn gebaseerd op opgaven van het UW en WWplus. De voorziening bedroeg per 31 december 2019 € 1,4 miljoen en is afgenomen met € 0,3 miljoen tot € 1,1 miljoen. De berekening gaat uit van de maximale looptijd van de uitkering op individueel niveau, waarbij op basis van leeftijd rekening wordt gehouden met een kans op loopbaanherstel.

                         
De voorziening jubilea is gevormd voor de verplichting om toekomstige onderwijsjubilea te betalen. De verplichting is berekend voor het gehele personeel, rekening houdend met het individuele onderwijsverleden en de inschaling per balansdatum. De dotatie is nagenoeg gelijk aan de onttrekking plus de vrijval. 

                              
In de Cao MBO is in het kader van duurzame inzetbaarheid de seniorenregeling ingevoerd. Medewerkers hebben recht op seniorenverlof als zij voldoen aan volgende criteria:
▪de werknemer is 57 of ouder;
▪ de werknemer is direct voorafgaand aan de ingangsdatum van het verlof gedurende ten minste vijf jaren aaneengesloten en dienst;
▪ de werknemer heeft een werktijdfactor van tenminste 0,4 bij de werkgever;
▪ de werknemer maakt geen gebruik van de BAPO-regeling.
De voorziening duurzame inzetbaarheid is met € 0,1 miljoen toegenomen tot € 0,4 miljoen mede op basis van verwachte participatie van medewerkers van 52 jaar tot aan de pensioengerechtigde leeftijd.
Per ultimo 2020 neemt 48 fte deel aan de seniorenregeling op een totaal van 345 fte aan personeel van 57 jaar en ouder.

De onderhoudsvoorziening is gevormd ter egalisatie van uitgaven voor groot planmatig onderhoud. Ter gelijkmatige verdeling van de onderhoudskosten wordt de voorziening groot onderhoud bepaald op basis van de te verwachten kosten over een reeks van jaren. De voorziening wordt lineair opgebouwd. Het uitgevoerde groot onderhoud wordt ten laste van de voorziening gebracht. Jaarlijks wordt het meerjarig onderhoudsplan geactualiseerd.                                
 

A.1.5 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans - Kortlopende schulden

KS Kortlopende schulden

    31-12-2020 31-12-2019
   
2.4 Kortlopende schulden    
2.4.1 Crediteuren 3.428.839  2.956.548 
2.4.2 Belastingen en premies sociale verzekeringen 3.941.766  3.423.110 
2.4.3 Schulden terzake van pensioenen 1.121.746  1.062.821 
2.4.4 Overige kortlopende schulden 550.303  292.845 
2.4.5 Overlopende passiva 6.525.981  6.420.744 
  Kortlopende schulden 15.568.635  14.156.068 
       
  Uitsplitsing    
2.4.2.1 Loonbelasting 2.833.262  2.450.036 
2.4.2.2 Omzetbelasting 320 
2.4.2.3 Premies sociale verzekeringen 1.108.504  972.754 
  Belastingen en premies sociale verzekeringen 3.941.766  3.423.110 
       
2.4.5.1 Vooruitontvangen deelnemersbijdragen 743.300  989.930 
2.4.5.3 Vooruitontvangen subsidies OCW geoormerkt 1.678.201  445.909 
2.4.5.5 Vooruitontvangen projectgelden 1.158.067  1.422.238 
2.4.5.6 Vakantiegeld en -dagen 2.879.462  3.343.145 
2.4.5.7 Contractactiviteiten 15.683  6.246 
2.4.5.8 Gemeentelijke bijdrage educatie 4.961  6.570 
2.4.5.9 Overige 46.307  206.706 
  Overlopende passiva 6.525.981  6.420.744 

KS Kortlopende Schulden (vervolg)

    31-12-2020 31-12-2019
   
2.4.5.3   kenmerk beschikking datum beschikking
  Studieverlof bve 2020 1090433 09/22/2020
  Studieverlof bve 2020 1094131 10/20/2020
  Studieverlof bve 2019 1006012 09/20/2019
  Studieverlof bve 2019 1012224 11/20/2019
  Studieverlof instructeurs 2019 1026918 12/19/2019
  Leermiddelen minimagezinnen 2020 1088115 08/20/2020
  Leermiddelen minimagezinnen 2019 1003924 08/20/2019
  LerarenOntwikkelFonds 2020 LOF200043 08/21/2020
  LerarenOntwikkelFonds 2020 LOF200108 08/21/2020
  Regionale aanpak VSV 2020 1119142  
  Inhaal- en Ondersteuningsprogramma's onderwijs 2020 IOP2-31069-MBO 10/16/2020
  Mbo Opleidingsschool 's-Hertogenbosch OS-2017-C-010 12/ 1/2017
  Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2019 1013151 11/20/2019
  Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2020 1095240 11/20/2020
  Doorstroomprogramma MBO-HBO DHBO18027 03/15/2018
       
  Uitsplitsing    
  Studieverlof bve 2020 129.672 
  Studieverlof bve 2019 198.057 
  Studieverlof instructeurs 2019 6.097 
  Leermiddelen minimagezinnen 2020 149.352 
  Leermiddelen minimagezinnen 2019 147.854 
  LerarenOntwikkelFonds 15.166 
  Regionale aanpak VSV 2020 489.770 
  Inhaal- en Ondersteuningsprogramma's onderwijs 2020 807.900 
  Mbo Opleidingsschool 's-Hertogenbosch 331 
  Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2019 1.101 
  Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2020 15.447 
  Doorstroomprogramma MBO-HBO 70.894  92.469 
  Vooruitontvangen subsidies OCW geoormerkt 1.678.201  445.909 

A.1.6 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

Niet uit de balans blijkende rechten
De vordering op het Ministerie van OCW ten bedrage van € 583.461 (zie toelichting financiële vaste activa) is ontstaan bij de overgang van declaratiebekostiging naar lumpsumbekostiging in 1991. Er heeft op geen enkele wijze afstand van recht plaatsgevonden. In plaats daarvan wordt ook nu beroep gedaan op uitbetaling van deze vorderingen teneinde verjaring ervan te voorkomen.

De liquiditeit is gewaarborgd middels een kredietfaciliteit van € 1.000.000.

Toekomstige minimale leaseontvangsten

Operational lease < 1 jaar 1 - 5 jaar > 5 jaar
Verhuur medegebruik Gebouw F, Vlijmenseweg 14.825  59.300 
  14.825  59.300 

Verhuur ruimtes
Medegebruik Gebouw F, Vlijmenseweg. Het contract met Cosmo Entertainment is aangegaan voor de duur van het verzorgen van de toeristische opleidingen. Schriftelijke opzegtermijn van 7 maanden tegen de aanvang van een schooljaar.

Niet uit de balans blijkende verplichtingen
Zakelijke zekerheden
Aan de bank zijn de volgende zekerheden verstrekt:
* positieve/negatieve hypotheek verklaring ad. € 4.500.000 op panden aan de Vlijmenseweg 2 te 's-Hertogenbosch.
* verpanding creditgelden, deposito's, spaargelden (algemeen, zonder bedrag).

Bankgarantie nieuwbouw
De Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch heeft ten behoeve van de nieuwbouw locatie Onderwijsboulevard 3 aan de gemeente 's-Hertogenbosch een bankgarantie van € 100.000 afgegeven vanwege mogelijke planschade naar aanleiding van de uitbreiding op de locatie Onderwijsboulevard.

Garanties ten behoeve van Raad van Toezicht
De Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch heeft ten behoeve van de Raad van Toezicht een verzekering ter dekking van mogelijke bestuurdersaansprakelijkheid afgesloten.
 

Toekomstige minimale leasebetalingen

Operational lease < 1 jaar 1 - 5 jaar > 5 jaar
Huur gebouw Vakcentrum Afbouw en Onderhoud 113.809  180.198 
Huur gebouw Flik-Flak (zaalhuur en kantoor) 209.960  839.840  1.049.800 
Huur gebouw Stadionlaan 53, 55+57 en 63+65 266.250  903.750 
Huur gebouw St. Jorisstraat 129 171.436 
Huur gebouw Rietveldenweg 18 164.961  426.149 
Huur gebouw Onderwijsboulevard 1 / huur SPT-gebouw 13.675  54.698 
Huur gebouw Jacob van Maerlantstraat 2-4 215.760  863.040  1.078.800 
  1.155.851  3.267.675  2.128.600 

Toekomstige minimale leasebetalingen (vervolg)

Contracten < 1 jaar 1 - 5 jaar  
Afvalverwerking 43.793  3.649   
Catering 139.155  556.620   
Inhuur 2.941.827  11.767.308   
IT 3.140.738  11.497.857   
Kantoorartikelen 22.733  22.733   
Onderhoud 1.307.861  1.837.718   
Repro 161.000  644.000   
Schoonmaak 1.388.948  5.555.794   
  9.146.055  31.885.679   

Investeringsverplichtingen
De Stichting is investeringsverplichtingen aangegaan ter grootte van € 7.400.000 inzake de nieuwbouw locatie Onderwijsboulevard 3.  Het totale investeringsbudget bedraagt € 20.013.000. De financiering vindt plaats uit eigen middelen.

A.1.7 Model G. Verantwoording subsidies 2020

G 1. Subsidies waarbij het eventueel niet aangewende deel van de subsidies, mits de activiteiten volledig zijn uitgevoerd, kan worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

Omschrijving Toewijzing   De activiteiten zijn ultimo verslagjaar conform de subsidie- beschikking geheel uitgevoerd en afgerond
  Kenmerk Datum J/N
Kwaliteitsafspraken mbo 2020 investeringsbudget * 1012686 11/20/2019 J
Voorziening leermiddelen minimagezinnen 2019 1003924 08/20/2019 J
Voorziening leermiddelen minimagezinnen 2020 1088115 08/20/2020 N
Subsidie voor studieverlof BVE 2019 1006012 09/20/2019 J
Subsidie voor studieverlof BVE 2019 1012224 11/20/2019 J
Subsidie voor studieverlof BVE 2020 1085545 07/21/2020 J
Subsidie voor studieverlof BVE 2020 1090433 09/22/2020 N
Subsidie voor studieverlof BVE 2020 1094131 10/20/2020 N
Subsidie voor studieverlof Instructeurs 2019 1026918 12/19/2019 J
Zij - instroom 2020 1078743 04/15/2020 J
Zij - instroom 2020 1083323 06/22/2020 J
Zij - instroom 2020 1088628 08/20/2020 J
Zij - instroom 2020 1089806 09/22/2020 J
Zij - instroom 2020 1093510 10/20/2020 J
Zij - instroom 2020 1097254 11/20/2020 J
Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2019 1013151 11/20/2019 J
Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2020 1095240 11/20/2020 N
Doorstroomprogramma mbo-hbo 2020 DHBO18027 03/15/2018 N
Inhaal- en ondersteuningsprogramma's onderwijs 2020 IOP-31069-MBO 07/ 3/2020 J
Inhaal- en ondersteuningsprogramma's onderwijs 2020 IOP2-31069-MBO 10/16/2020 N
LerarenOntwikkelFonds 2020 | DUS-I LOF200043 08/21/2020 N
LerarenOntwikkelFonds 2020 | DUS-I LOF200108 08/21/2020 N
Voorziening leermiddelen minimagezinnen 2020 1088108 08/20/2020 J

G2A. Subsidies die uitsluitend mogen worden aangewend voor het doel waarvoor de subsidie is verstrekt, aflopend per ultimo verslagjaar.

Omschrijving Toewijzing   Bedrag van de toewijzing Ontvangen t/m vorig verslagjaar Totale subsidiabele kosten t/m vorig verslagjaar Saldo per 1 januari verslagjaar Ontvangen in verslag- jaar Subsidiabele kosten in verslagjaar Te verrekenen per 31 december verslagjaar
  Kenmerk Datum
                   
Subsidie regionale aanpak voortijdig schoolverlaten [contactscholen] 804714 01/ 2/2017 1.969.060  1.969.060  1.969.060  1.109.208 
  Totaal   1.969.060  1.969.060  1.969.060  1.109.208 

G2B. Subsidies die uitsluitend mogen worden aangewend voor het doel waarvoor de subsidie is verstrekt, doorlopend tot in een volgend verslagjaar.

Omschrijving Toewijzing   Bedrag van de toewijzing Ontvangen t/m vorig verslagjaar Totale subsidiabele kosten t/m vorig verslagjaar Saldo per 1 januari verslagjaar Ontvangen in verslag- jaar Subsidiabele kosten in verslagjaar Saldo per 31 december verslagjaar
  Kenmerk Datum
                   
Subsidie regionale aanpak voortijdig schoolverlaten [contactscholen] 1119142   1.959.080  489.770  489.770 
  Totaal   1.959.080  489.770  489.770 

A.1.8 Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde staat van baten en lasten over 2020

OB Overheidsbijdragen

    2020 Begroot 2020 2019
   
3.1 Rijksbijdragen      
3.1.1 Rijksbijdragen OCW 98.610.036  98.106.079  95.197.995 
3.1.2 Overige subsidies OCW 12.291.817  13.094.484  11.968.915 
  Rijksbijdragen 110.901.853  111.200.563  107.166.910 
         
  Uitsplitsing      
  OCW      
3.1.2.1.1 Geoormerkte subsidies 1.184.705  1.950.484  2.375.607 
3.1.2.2.1 Niet-geoormerkte subsidies 11.107.112  11.144.000  9.593.308 
  Overige subsidies OCW 12.291.817  13.094.484  11.968.915 

OB Overheidsbijdragen (vervolg)

         
3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies      
3.2.1 Participatiebudget, educatie 279.637  260.000  274.401 
3.2.2 Overige overheidsbijdragen, overige overheden 344.250  255.000  297.337 
  Overige overheidsbijdragen en -subsidies 623.887  515.000  571.738 
         
    2020 Begroot 2020 2019
   
  Uitsplitsing      
3.2.2.1 Provinciale bijdragen en subsidies 32.657  50.000  74.462 
3.2.2.2 Overige gemeentelijke bijdragen en -subsidies 60.469  5.000  22.774 
3.2.2.3 Overige overheden 251.124  200.000  200.101 
  Overige overheidsbijdragen, overige overheden 344.250  255.000  297.337 

AB Andere baten

         
3.3 College-, cursus-, les- en examengelden      
3.3.2 Cursusgelden sector BE 2.426.746  2.336.836  2.427.860 
3.3.5 Examengelden 4.286  110.110  12.402 
  College-, cursus-, les- en examengelden 2.431.032  2.446.946  2.440.262 
         
3.4 Baten werk in opdracht van derden      
3.4.1 Contractonderwijs 417.622  200.500  632.649 
3.4.1.1 Contracten t.b.v. inburgeringsvoorzieningen 621.964  1.250.000  1.350.738 
3.4.3 Overige baten werk opdracht van derden 1.426.044  1.478.000  1.881.852 
  Baten werk in opdracht van derden 2.465.630  2.928.500  3.865.239 

AB Andere baten (vervolg)

         
3.5 Overige baten      
3.5.1 Verhuur 52.650  64.200  60.988 
3.5.2 Detachering personeel 464.700  350.000  464.399 
3.5.6 Overige 1.556.230  1.881.606  2.250.869 
  Overige baten 2.073.580  2.295.806  2.776.256 

LA Lasten

    2020 Begroot 2020 2019
   
4.1 Personeelslasten      
4.1.1 Lonen en salarissen 82.100.701 79.500.000 78.147.769
4.1.2 Overige personele lasten 8.639.988 9.230.298 10.396.654
4.1.3 Af: uitkeringen 607.597 310.000 452.377
  Personeelslasten 90.133.092 88.420.298 88.092.046
         
  Uitsplitsing      
4.1.1.1 Brutolonen en salarissen 62.885.909  61.801.000  59.932.750 
4.1.1.2 Sociale lasten 9.487.388  8.683.000  8.920.012 
4.1.1.3 Pensioenpremies 9.727.404  9.016.000  9.295.007 
  Lonen en salarissen 82.100.701  79.500.000  78.147.769 
         
4.1.2.1 Dotaties/vrijval personele voorzieningen 475.474  103.000  1.113.426 
4.1.2.2 Personeel niet in loondienst 4.744.216  4.670.000  6.008.818 
4.1.2.3 Overig 3.420.298  4.457.298  3.274.410 
  Overige personele lasten 8.639.988  9.230.298  10.396.654 

LA Lasten (vervolg)

    2020 Begroot 2020 2019
   
4.2 Afschrijvingen      
4.2.1 Immateriële vaste activa 1.283.187  1.230.743  1.456.062 
4.2.2 Materiële vaste activa 8.424.618  8.586.386  8.037.417 
  Afschrijvingen 9.707.805  9.817.129  9.493.479 

LA lasten (vervolg)

         
4.3 Huisvestingslasten      
4.3.1 Huur 1.519.151  1.501.000  1.685.707 
4.3.2 Verzekeringslasten 136.341  138.000  100.922 
4.3.3 Onderhoud 904.448  707.500  770.974 
4.3.4 Energie en water 786.099  901.150  880.564 
4.3.5 Schoonmaakkosten 1.498.536  1.599.100  1.402.448 
4.3.6 Heffingen 505.495  578.000  552.000 
4.3.7 Dotatie onderhoudsvoorziening 2.364.996  2.365.000  2.365.020 
4.3.8 Overige 46.988  65.000  48.812 
  Huisvestingslasten 7.762.054  7.854.750  7.806.447 

LA Lasten (vervolg)

         
4.4 Overige lasten      
4.4.1 Administratie- en beheerslasten 1.992.056  1.869.150  1.884.428 
4.4.2 Inventaris, apparatuur en leermiddelen 7.780.209  9.126.563  8.303.796 
4.4.3 Dotatie overige voorzieningen -5.225  16.800  11.621 
4.4.4 Overige 729.030  1.404.300  1.316.884 
  Overige lasten 10.496.070  12.416.813  11.516.729 

Accountantslasten

In het boekjaar zijn de volgende bedragen aan accountantshonoraria ten laste van het resultaat gebracht:

    2020 Begroot 2020 2019
   
4.4.1.1 Honorarium onderzoek jaarrekening 121.097 75.000 69.874
4.4.1.2 Honorarium andere controleopdrachten 5.844 10.000 4.778
4.4.1.3 Honorarium fiscale adviezen 2.190 5.000 0
4.4.1.4 Honorarium andere niet controlediensten 0 0 0
  Accountantslasten 129.131 90.000 74.652

FB Financiële baten en lasten

    2020 Begroot 2020 2019
   
5 Financiële baten en lasten      
5.1 Rentebaten 810 0 2.779
5.5 Rentelasten (-/-) 101.686 65.500 26.025
  Financiële baten en lasten -100.876 -65.500 -23.246

Gemiddeld aantal medewerkers

Gedurende het jaar 2020 waren gemiddeld 1.141,5 werknemers in dienst op basis van een volledig dienstverband (2019: 1.125,4). Hiervan waren 0 werknemers werkzaam buiten Nederland (2019: 0).

  2020 2019
  fte fte
Personeel primair proces 641,8 638,4
Direct onderwijsondersteunend personeel 123,9 114,7
Indirect onderwijsondersteunend personeel 320,8 322,7
Bestuur/management 55,0 49,6
Totaal aantal werknemers 1.141,5 1.125,4

Gegevens over de rechtspersoon

Bevoegd gezag nummer   
Statutaire naam

Juridische vorm
KvK nummer
Webadres
Sector
Statutair adres
Naam contactpersoon
Accountantskantoor
Naam van de onafhankelijke accountant

31069
Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch
Stichting
41084084
www.kw1c.nl
mbo
Vlijmenseweg 2, 5223 GW 's-Hertogenbosch
F.C. Passania AA, directeur Financiële Zaken
PricewaterhouseCoopers Accountants N.V.
drs. T.A.G. van Boxtel RA

A.1.9 Gebeurtenissen na balansdatum

Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum.

A.1.10 Overzicht verbonden partijen

Naam Juridische vorm Statutaire zetel Code activiteiten Eigen vermogen 31-12-2020 Resultaat 2020 Omzet 2020 Verklaring artikel 2: 403 BW Deelname % Consolidatie %
               
                   
Steunfonds Mathias Wolff Stichting 's-Hertogenbosch 60.093  -2.234  Nee

Omschrijving doelstelling
Hulp bieden aan de Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch door haar in staat te stellen tot het doen van uitgaven in het belang van het  onderwijs, welke niet door andere middelen kunnen worden gedekt.

Samenstelling van bestuur en directie

Voorzitter:  Tot 14/10: J.C.N. van Kessel,
  vanaf 14/10: G.M.D. Peters- van Gorp
Secretaris penningmeester: J.M.F. van der Beek
Secretaris: A. Oskamp
KvK-nummer:  41083228



 

A.1.11 WNT-verantwoording 2020 - Koning Willem I College

De WNT is van toepassing op Koning Willem I College. Het voor Koning Willem I College toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € 183.000, zijnde het bezoldigingsmaximum voor het onderwijs, klasse F, complexiteitspunten per criterium: 
  - Driejaarsgemiddelde van het aantal bekostigde leerlingen, deelnemers: 4 complexiteitspunten;
  - Het gewogen aantal onderwijssoorten of sectoren: 5 complexiteitspunten;
  - Totaal aantal complexiteitspunten: 17 complexiteitspunten.

1. Bezoldiging topfunctionarissen

1a Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling en zij die o.g.v. hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.

Gegevens 2020        
bedragen x € 1 Dhr. J.C.N. van Kessel Dhr. C.L.E.M. van Gerven Mw. D.J.M. Majoor Mw. Y.S. Ulenaers
Functiegegevens Voorzitter CvB Lid CvB Lid CvB Adviseur*
Aanvang en einde functievervulling in 2020 1/1 -31/12 1/1 - 31/12 15/8 - 31/12 1/1 - 31/7
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) 0,9 1,0 1,0 1,0
Dienstbetrekking? ja ja ja ja
Bezoldiging        
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 145.187 162.160 54.492 93.789
Beloningen betaalbaar op termijn 19.611 20.840 8.041 12.711
Subtotaal 164.798 183.000 62.533 106.500
         
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 164.800 183.000 69.500 106.500
         
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Bezoldiging 164.798 183.000 62.533 106.500
         
Het bedrag van de overschrijding, en N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Gegevens 2019          
bedragen x € 1 Dhr. J.C.N. van Kessel Dhr. C.L.E.M. van Gerven Mw. D.J.M. Majoor Mw. Y.S. Ulenaers Mw. Y.S. Ulenaers
Functiegegevens (wnd.) Voorzitter CvB Lid CvB N.v.t. Voorzitter CvB Adviseur
Aanvang en einde functievervulling in 2019 14/10 - 31/12 1/1 - 31/12 N.v.t. 1/1 -15/12 16/12 -31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) 0,6 1,0 N.v.t. 1,0 1,0
Dienstbetrekking? ja ja N.v.t. ja 0
Bezoldiging          
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 20.292 156.921 N.v.t. 149.272 6.844
Beloningen betaalbaar op termijn 2.694 20.079 N.v.t. 19.965 915
Subtotaal 22.986 177.000 N.v.t. 169.237 7.759
           
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 22.986 177.000 N.v.t 169.237 7.759
           
Bezoldiging 22.986 177.000 N.v.t 169.237 7.759

1c. Toezichthoudende topfunctionarissen

Gegevens 2020            
bedragen x € 1 Dhr. J. Hamming Dhr. J. H.L.M. Galema Mw. M.L.G. van der Kruis Mw. A. Oskamp Mw. G.M.D. Peters - van Gorp Dhr. A.J. de Bruin
Functiegegevens Voorzitter Lid Lid Lid Secretaris/ Penningmeester Lid
Aanvang en einde functievervulling in 2020 1/1 - 31/12 1/1 -31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 30/6
             
Bezoldiging            
Bezoldiging 12.375 8.250 8.250 8.250 8.250 4.125
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 27.450 18.300 18.300 18.300 18.300 9.150
Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Bezoldiging 12.375 8.250 8.250 8.250 8.250 4.125
             
Het bedrag van de overschrijding, en N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Gegevens 2019              
bedragen x € 1 Dhr. J. Hamming Dhr. J. H.L.M. Galema Mw. M.L.G. van der Kruis Mw. A. Oskamp Mw. G.M.D. Peters - van Gorp Dhr. A.J. de Bruin Dhr. J.C.N. van Kessel
Gegevens 2019 Voorzitter Lid Lid Lid Lid Lid Lid
Aanvang en einde functievervulling in 2019 1/1 - 31/12 1/1 -31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/12 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 13/10
               
Bezoldiging              
Bezoldiging 9.188 5.625 5.625 5.625 0 5.625 5.625
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 26.550 17.700 17.700 17.700 1.475 17.700 13.869

1e. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.700
De totale bezoldiging van een topfunctionaris inclusief degene die op grond van zijn/haar voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris wordt aangemerkt, voor al zijn/haar functies bij één WNT-instelling en eventuele aan deze WNT-instelling gelieerde rechtspersonen (uitsluitend te verantwoorden indien en voor zover er sprake is bij een topfunctionaris van bezoldiging voor andere werkzaamheden dan die als topfunctionaris bij de WNT-instelling en/of bezoldiging uit hoofde van werkzaamheden bij gelieerde rechtspersonen).

Betreffende categorie is niet van toepassing op het Koning Willem I College.

2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen

Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.

Gegevens 2020  
bedragen x € 1 Mw. Y.S. Ulenaers
Functiegegevens  
Functie(s) bij beëindiging dienstverband Adviseur*
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) 1,0
Jaar waarin dienstverband is beëindigd 2020
Uitkering wegen beëindiging van het dienstverband  
Overeengekomen uitkeringen wegens beëindiging dienstverband 75.000
   
Individueel toepasselijk maximum 75.000
   
Totaal uitkeringen wegens beëindiging dienstverband 75.000
Waarvan betaald in 2020 75.000
   
Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag N.v.t.
Het bedrag van de overschrijding, en N.v.t.
de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan N.v.t.
   
   
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling N.v.t.
   

3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT

Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

A.1.12 Enkelvoudige balans per 31 december 2020

(na resultaatbestemming)

    31-12-2020 31-12-2019
   
1 Activa    
       
  Vaste activa    
1.1 Immateriële vaste activa 1.772.376  2.506.074 
1.2 Materiële vaste activa 55.829.587  48.461.269 
1.3 Financiële vaste activa
  Totaal vaste activa 57.601.964  50.967.344 
       
  Vlottende activa    
1.4 Voorraden 62.302  83.133 
1.5 Vorderingen 2.166.971  4.024.998 
1.7 Liquide middelen 18.169.431  21.701.942 
  Totaal vlottende activa 20.398.704  25.810.073 
       
  Totaal activa 78.000.668  76.777.417 
       
2 Passiva    
       
2.1 Eigen vermogen 49.623.057  49.326.973 
2.2 Voorzieningen 10.900.550  11.385.950 
2.4 Kortlopende schulden 17.477.061  16.064.494 
       
  Totaal passiva 78.000.668  76.777.417 

A.1.13 Enkelvoudige staat van baten en lasten over 2020

    2020 Begroot 2020 2019
   
         
3 Baten      
3.1 Rijksbijdragen 110.901.852  111.200.563  107.166.910 
3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 623.887  515.000  571.738 
3.3 College-, cursus-, les- en examengelden 2.431.032  2.446.946  2.440.262 
3.4 Baten werk in opdracht van derden 2.465.630  2.928.500  3.865.239 
3.5 Overige baten 2.073.580  2.295.806  2.776.256 
  Totaal baten 118.495.981  119.386.815  116.820.405 
         
4 Lasten      
4.1 Personeelslasten 90.133.092  88.420.298  88.092.046 
4.2 Afschrijvingen 9.707.805  9.817.129  9.493.479 
4.3 Huisvestingslasten 7.762.054  7.854.750  7.806.447 
4.4 Overige lasten 10.496.070  12.416.813  11.516.729 
  Totaal lasten 118.099.021  118.508.990  116.908.701 
         
  Saldo baten en lasten 396.960  877.825  -88.296 
         
5 Financiële baten en lasten -100.876  -65.500  -23.246 
  Resultaat 296.084  812.325  -111.542 
         
6 Belastingen
         
7 Resultaat deelnemingen
  Resultaat na belastingen 296.084  812.325  -111.542 
         
8 Aandeel derden in resultaat
  Nettoresultaat 296.084  812.325  -111.542 
         
9 Buitengewoon resultaat
         
  Totaal resultaat 296.084  812.325  -111.542 
         

A.1.14 Toelichting op de balans en staat van baten en lasten

De enkelvoudige jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, uitgegeven door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Deze bepalingen zijn van toepassing op grond van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs.

De grondslagen van waardering en van resultaatbepaling voor de enkelvoudige jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening zijn gelijk. Voor de grondslagen van de waardering van activa en passiva en voor de bepaling van het resultaat wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans en staat van baten en lasten.
 

A.1.14 Toelichting op de balans en staat van baten en lasten - EV voorraden & vorderingen

EV voorraden & vorderingen

    31-12-2020 31-12-2019
   
1.4 Voorraden    
       
1.4.1 Gebruiksgoederen 62.302  83.133 
  Voorraden 62.302  83.133 
       
  Uitsplitsing    
1.4.1.1 Verkrijgingsprijs gebruiksgoederen 62.302  83.133 
  Gebruiksgoederen 62.302  83.133 
       
1.5 Vorderingen    
       
1.5.1 Debiteuren 1.341.605  1.790.566 
1.5.2 OCW 850.000 
1.5.5 Studenten/deelnemers/cursisten 630.575  538.440 
1.5.7 Overige vorderingen 89.050  851.880 
1.5.8 Overlopende activa 237.900  137.087 
1.5.9 Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid 132.159  142.975 
  Vorderingen 2.166.971  4.024.998 

EV voorraden & vorderingen (vervolg)

    31-12-2020 31-12-2019
   
  Uitsplitsing    
1.5.2.1 Prestatiebox mbo variabele bedragen (vsv) 850.000 
  OCW 850.000 
       
  Uitsplitsing    
1.5.7.1 Personeel 741.441 
1.5.7.2 Overige 89.050  110.439 
  Overige vorderingen 89.050  851.880 
       
1.5.8.1 Vooruitbetaalde kosten 239.896  143.756 
1.5.8.3 Overige overlopende activa -1.996  -6.669 
  Overlopende activa 237.900  137.087 
       
1.5.9.1 Stand per 1 januari verslagjaar - vorig jaar 142.975  131.354 
1.5.9.2 Onttrekking 10.816 
1.5.9.3 Dotatie 11.621 
  Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid 132.159  142.975 

A.1.14 Toelichting op de balans en staat van baten en lasten - Effecten & Liquide middelen

    31-12-2020 31-12-2019
   
       
1.7 Liquide Middelen    
       
1.7.1 Kasmiddelen 19.473  28.132 
1.7.2 Tegoeden op bank- en girorekeningen 9.149.349  12.640.249 
1.7.3 Deposito's 9.000.609  9.033.561 
  Liquide Middelen 18.169.431  21.701.942 

A.1.14 Toelichting op de balans en staat van baten en lasten - Eigen vermogen

Eigen vermogen

    Stand per 1−1−2019 Resultaat 2019 Overige mutaties Stand per 31−12−2019
   
  Eigen vermogen        
  Stichtingskapitaal 45  45 
  Algemene reserve 36.225.263  -111.542  425.888  36.539.609 
  Bestemmingsreserve (publiek) 13.213.207  -425.888  12.787.319 
  Eigen vermogen 49.438.515  -111.542  49.326.973 
           
  Uitsplitsing        
2.1.1.1 Algemene reserve (04FO) 36.328.797  -53.163  425.888  36.701.522 
2.1.1.2 Algemene reserve (24ZW) -103.534  -58.379  -161.913 
  Algemene reserve 36.225.263  -111.542  425.888  36.539.609 
           
2.1.2.1 Herwaardering gebouwen n.g. (04FO) 1.707.568  -425.888  1.281.680 
2.1.2.2 Onderwijsontwikkeling (04FO) 760.000  760.000 
2.1.2.3 Beheersystemen (04FO) 1.204.000  1.204.000 
2.1.2.4 Herhuisvesting (04FO) 981.704  981.704 
2.1.2.5 Personeel (04FO) 3.600.000  3.600.000 
2.1.2.6 BAPO (04FO) 4.788.387  4.788.387 
2.1.2.7 Projecten (04FO) 171.548  171.548 
  Bestemmingsreserve (publiek) 13.213.207  -425.888  12.787.319 

Eigen vermogen (vervolg)

    Stand per 1−1−2020 Resultaat 2020 Overige mutaties Stand per 31−12−2020
   
2.1 Eigen vermogen        
  Stichtingskapitaal 45  45 
2.1.1 Algemene reserve 36.539.609  296.084  425.888  37.261.581 
2.1.2 Bestemmingsreserve (publiek) 12.787.319  -425.888  12.361.431 
  Eigen vermogen 49.326.973  296.084  49.623.057 
           
  Uitsplitsing        
2.1.1.1 Algemene reserve (04FO) 36.701.522  355.417  425.888  37.482.827 
2.1.1.2 Algemene reserve (24ZW) -161.913  -59.333  -221.246 
  Algemene reserve 36.539.609  296.084  425.888  37.261.581 
           
2.1.2.1 Herwaardering gebouwen n.g. (04FO) 1.281.680  -425.888  855.792 
2.1.2.2 Onderwijsontwikkeling (04FO) 760.000  760.000 
2.1.2.3 Beheersystemen (04FO) 1.204.000  1.204.000 
2.1.2.4 Herhuisvesting (04FO) 981.704  981.704 
2.1.2.5 Personeel (04FO) 3.600.000  3.600.000 
2.1.2.6 BAPO (04FO) 4.788.387  4.788.387 
2.1.2.7 Projecten (04FO) 171.548  171.548 
  Bestemmingsreserve (publiek) 12.787.319  -425.888  12.361.431 

Het totaalresultaat is toegevoegd aan de algemene reserve.

De onder 2.1.2 verantwoorde bestemmingsreserves betreffen afgezonderde delen van het eigen vermogen waarbij een beperktere bestedingsmogelijkheid door het bestuur is aangebracht. Aan de genoemde bestemmingsreserves liggen concrete beleids- en financieringsplannen ten grondslag.

Gerealiseerde afschrijvingen gebouwen ter grootte van € 425.888 zijn gefinancierd uit de bestemmingsreserve "Herwaardering gebouwen niet gerealiseerd".

Bestemmingsreserve Onderwijsontwikkeling heeft ten doel om additionele uitgaven ter bevordering van de kwaliteit van het onderwijsproces te financieren.

Bestemmingsreserve Beheersystemen heeft ten doel om uitgaven voor ontwikkeling, vervanging en aanpassing van informatieverwerkende systemen ten behoeve van het onderwijs en onderwijsondersteunende processen te financieren.

Bestemmingsreserve Herhuisvesting heeft ten doel om uitgaven voor relocatie van bedrijfsonderdelen te financieren.

Bestemmingsreserve Personeel heeft ten doel om uitgaven voor verbetering en verhoging van het welbevinden, het welzijn en de kwaliteit van het personeel te financieren.

Bestemmingsreserve BAPO is gevormd per 1 januari 2010 als gevolg van de stelselwijziging waarbij de gevormde voorziening BAPO voor de toekomstige lasten vanuit de BAPO-regeling is vrijgevallen.

Bestemmingsreserve Projecten heeft ten doel om uitgaven voor (inter)nationale activiteiten op projectbasis te financieren. In 2020 zijn geen projectresultaten gefinancierd uit de bestemmingsreserve Projecten.

Aansluiting eigen vermogen en resultaat enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekening

Het geconsolideerd eigen vermogen wijkt af van het eigen vermogen in de enkelvoudige jaarrekening. Het verschil wordt volledig veroorzaakt door het eigen vermogen van de Educatiestichting Koning Willem I College.

  Stand per 31−12−2020 Stand per 31−12−2019
 
Eigen vermogen    
Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch 49.623.057  49.326.973 
Educatiestichting Koning Willem I College 1.908.426  1.908.426 
Koning Willem I College 51.531.483  51.235.399 

A.1.14 Toelichting op de balans en staat van baten en lasten - Kortlopende schulden

KS Kortlopende schulden

    31-12-2020 31-12-2019
   
       
2.4 Kortlopende schulden    
2.4.1 Crediteuren 3.428.839  2.956.548 
2.4.2 Belastingen en premies sociale verzekeringen 3.941.766  3.423.110 
2.4.3 Schulden terzake van pensioenen 1.121.746  1.062.821 
2.4.4 Overige kortlopende schulden 550.303  292.845 
2.4.5 Overlopende passiva 6.508.172  6.402.935 
2.4.6 Groepsmaatschappijen 1.926.235  1.926.235 
  Kortlopende schulden 17.477.061  16.064.494 
       
  Uitsplitsing    
2.4.2.1 Loonheffing 2.833.262  2.450.036 
2.4.2.2 Omzetbelasting 320 
2.4.2.3 Premies sociale verzekeringen 1.108.504  972.754 
  Belastingen en premies sociale verzekeringen 3.941.766  3.423.110 
       
2.4.5.1 Vooruitontvangen deelnemersbijdragen 743.300  989.930 
2.4.5.3 Vooruitontvangen subsidies OCW geoormerkt 1.591.860  445.909 
2.4.5.5 Vooruitontvangen projectgelden 1.244.408  1.422.238 
2.4.5.6 Vakantiegeld en -dagen 2.879.462  3.343.145 
2.4.5.7 Contractactiviteiten 15.683  6.246 
2.4.5.8 Gemeentelijke bijdrage educatie 4.961  6.570 
2.4.5.9 Overige 28.498  188.897 
  Overlopende passiva 6.508.172  6.402.935 

Gemiddeld aantal medewerkers

  2020 2019
  fte fte
Personeel primair proces 641,8  638,4 
Direct onderwijsondersteunend personeel 123,9  114,7 
Indirect onderwijsondersteunend personeel 320,8  322,7 
Bestuur / management 55,0  49,6 
Totaal aantal werknemers 1.141,5  1.125,4 

B. Statutaire regeling inzake de resultaatbestemming

De Stichting Regionaal Onderwijs Centrum 's-Hertogenbosch is een stichting zonder winstoogmerk (art. 2.1). De statuten van de Stichting bevatten geen expliciete regeling inzake resultaatbestemming. 

B. Controleverklaring van de onafhankelijk accountant

C.1.1 Balans per 31 december 2020 KW1C (Brin 04FO)

    31-12-2020 31-12-2019
   
1 Activa    
       
  Vaste activa    
1.1 Immateriële vaste activa 1.772.376  2.506.074 
1.2 Materiële vaste activa 55.790.760  48.417.962 
1.3 Financiële vaste activa
  Totaal vaste activa 57.563.137  50.924.037 
       
  Vlottende activa    
1.4 Voorraden 62.302  83.133 
1.5 Vorderingen 500.809  2.303.983 
1.7 Liquide middelen 18.169.431  21.701.942 
  Totaal vlottende activa 18.732.542  24.089.058 
       
  Totaal activa 76.295.679  75.013.095 
       
2 Passiva    
       
2.1 Eigen vermogen 49.844.303  49.488.886 
2.2 Voorzieningen 10.900.550  11.385.950 
2.4 Kortlopende schulden 15.550.826  14.138.259 
       
  Totaal passiva 76.295.679  75.013.095 

C.1.2 Staat van baten en lasten over 2020 KW1C (Brin 04FO)

    2020 Begroot 2020 2019
   
3 Baten      
3.1 Rijksbijdragen 110.809.592  111.111.477  107.076.792 
3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 623.887  515.000  571.738 
3.3 College-, cursus-, les- en examengelden 2.431.032  2.446.110  2.440.262 
3.4 Baten werk in opdracht van derden 2.465.630  2.928.500  3.865.239 
3.5 Overige baten 2.073.580  2.295.626  2.776.256 
  Totaal baten 118.403.721  119.296.713  116.730.287 
         
4 Lasten      
4.1 Personeelslasten 89.992.549  88.283.298  87.955.337 
4.2 Afschrijvingen 9.703.325  9.812.649  9.488.999 
4.3 Huisvestingslasten 7.755.804  7.848.500  7.800.197 
4.4 Overige lasten 10.495.750  12.415.041  11.515.671 
  Totaal lasten 117.947.428  118.359.488  116.760.204 
         
  Saldo baten en lasten 456.293  937.225  -29.917 
         
5 Financiële baten en lasten -100.876  -65.500  -23.246 
         
  Totaal resultaat 355.417  871.725  -53.163 

C.2.1 Balans per 31 december 2020 BBO De Schalm (Brin 24ZW)

    31-12-2020 31-12-2019
   
1 Activa    
       
  Vaste activa    
1.2 Materiële vaste activa 38.827  43.307 
  Totaal vaste activa 38.827  43.307 
       
  Vlottende activa    
1.5 Vorderingen -260.073  -205.220 
  Totaal vlottende activa -260.073  -205.220 
       
  Totaal activa -221.246  -161.913 
       
2 Passiva    
       
2.1 Eigen vermogen -221.246  -161.913 
       
  Totaal passiva -221.246  -161.913 

C.2.2 Staat van baten en lasten over 2020 BBO De Schalm (Brin 24ZW)

    2020 Begroot 2020 2019
   
3 Baten      
3.1 Rijksbijdragen 92.260  89.086  90.118 
3.3 College-, cursus-, les- en examengelden 836 
3.5 Overige baten 180 
  Totaal baten 92.260  90.102  90.118 
         
4 Lasten      
4.1 Personeelslasten 140.543  137.000  136.709 
4.2 Afschrijvingen 4.480  4.480  4.480 
4.3 Huisvestingslasten 6.250  6.250  6.250 
4.4 Overige lasten 320  1.772  1.058 
  Totaal lasten 151.593  149.502  148.497 
         
  Saldo baten en lasten -59.333  -59.400  -58.379 
         
  Totaal resultaat -59.333  -59.400  -58.379 

C.3.1 Balans per 31 december 2020 Educatiestichting Koning Willem I College

    31-12-2020 31-12-2019
   
1 Activa    
       
  Vlottende activa    
1.5 Vorderingen 1.926.235  1.926.235 
1.7 Liquide middelen
  Totaal vlottende activa 1.926.235  1.926.235 
       
  Totaal activa 1.926.235  1.926.235 
       
2 Passiva    
       
2.1 Eigen vermogen 1.908.426  1.908.426 
2.4 Kortlopende schulden 17.809  17.809 
       
  Totaal passiva 1.926.235  1.926.235 

C.3.2 Staat van baten en lasten over 2020 Educatiestichting Koning Willem I College

    2020 Begroot 2020 2019
   
3 Baten      
3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies
3.4 Baten werk in opdracht van derden
3.5 Overige baten
  Totaal baten
         
4 Lasten      
4.1 Personeelslasten
4.3 Huisvestingslasten
4.4 Overige lasten
  Totaal lasten
         
  Saldo baten en lasten
         
5 Financiële baten en lasten
         
  Totaal resultaat

Volgend hoofdstuk: Bijlage voorwoord college van bestuur